Sophie van den Berg geeft haar talent een kracht om op een prachtige manier te uiten

Gepubliceerd op 23 september 2026 om 13:00

Zodra er ergens iets gemaakt kan worden, begint er bij Sophie van den Berg iets te bewegen. Theater is inmiddels haar vakgebied geworden en cabaret de richting waarin ze verder wil. Ze knutselt, schrijft muziek, denkt in beelden en verhalen en vindt het minstens zo interessant om samen met anderen iets te laten ontstaan. Sophie leert ruimte te geven aan wat er in haar zit. Foto: Renee Goris

Een toevallige keuze bracht haar steeds dichter bij de plek die bij haar paste

Tijdens haar middelbareschooltijd ging Sophie door een onrustige periode. Haar wens om uiteindelijk weer terug te keren naar de havo bracht haar op het idee om alvast een extra examenvak te volgen. Op haar kunst- en cultuurschool kon ze kiezen tussen muziek, beeldende vorming en drama. Muziek en beeldende kunst kon ze volgens zichzelf thuis ook wel doen. Drama kende ze nog minder goed en werd daardoor de interessantste optie. “Ik heb eigenlijk toevallig drama gekozen,” vertelt Sophie. “Toen bleek ik dat heel leuk te vinden en daar ook wel goed in te zijn. Op de havo heb ik het opnieuw gekozen en mijn docent zei op een gegeven moment dat ik eens naar een vooropleiding moest gaan zoeken. Zo ben ik bij de Theaterschool Utrecht terechtgekomen, waar ik tijdens mijn examenjaar de zaterdagopleiding heb gedaan. Daar zeiden ze vervolgens tegen mij: ‘Volgens mij moet jij naar de Koningstheateracademie.’ Ik heb daar een voorbereidend jaar gedaan en dacht: hier moet ik heen. Vervolgens heb ik auditie gedaan en werd ik aangenomen. Ik ben dus echt van het ene ongelukje in het andere gerold en zo ineens uitgekomen waar ik eigenlijk wilde zijn.”

Aan de Koningstheateracademie kreeg dat onverwacht ontdekte talent steeds meer richting. Inmiddels heeft Sophie haar derde jaar achter zich en ligt haar afstudeerjaar voor haar. Cabaret biedt haar daarbij een vorm waarin veel kanten van haar makerschap bij elkaar kunnen komen. “Ik hoop altijd dat mensen openstaan voor verrassingen. Ik denk dat dat heel belangrijk is in het leven, maar ook in het theater. Als je specifiek naar mij komt kijken, hoop ik vooral dat je openstaat voor alles wat er op je af gaat komen. Ik denk namelijk dat ik iemand ben die op veel verschillende manieren dingen brengt.”

Een stem opende een wereld die ze vervolgens zelf wilde maken

Sophie zingt graag jazz en doet dat het liefst in het Nederlands. Dat laatste heeft deels een praktische oorsprong. Door haar dyslexie kost taal haar soms meer moeite en zijn Nederlandstalige teksten eenvoudiger te onthouden. Tegelijkertijd bracht haar stem haar bij een artistieke ontdekking. De jazzachtige nummers die ze wel tegenkwam, maakten haar vooral nieuwsgierig naar alles wat er nog ontbrak. “Ik heb dyslexie, dus ik heb best veel moeite met taal. Visualiseren en onthouden zijn voor mij eigenlijk één groot mysterie. Daarom zing ik het liefst Nederlandse liedjes, want die kan ik makkelijker onthouden. Er is alleen heel weinig kleinkunst voor lage stemmen en ik heb een vrij lage stem. Als het er wel is, is het vaak heel erg musical en ik ben geen enorme musicalfan als ik het zelf moet zingen. Toen dacht ik: wat zing ik dan graag? Ik vind Janne Schra bijvoorbeeld heel leuk en zij heeft een paar jazzachtige nummers. Daardoor kwam de gedachte: waarom is er niet meer Nederlandstalige jazz? Hoe leuk zou dat zijn? Als het er niet is, moet ik het dus zelf maken.”

Die gedachte bracht haar uiteindelijk ook naar Festival Boulevard. Tijdens Future Feels: Unplugged presenteerde Sophie in augustus 2025 een korte set met eigen nummers: lichte jazz met een vleugje kleinkunst. Future Feels bracht studenten van Avans Creative Innovation en Fontys Academy of the Arts samen en gaf jonge makers binnen theater, dans, cabaret, beeldende kunst en muziek een gedeelde plek om werk te presenteren en uit te wisselen. In die omgeving kon Sophie laten horen wat er gebeurt wanneer een gemis in bestaand repertoire verandert in een aanleiding om zelf iets nieuws te creëren. “Misschien vertelt mijn stem, als je het heel letterlijk neemt, dat er een bepaalde diepte in mij zit. Er zit een soort ‘geleefdheid’ in, zoals ze dat altijd zo lekker zeggen. Ik denk daarnaast dat ik van nature niet zoveel ruimte inneem. Op het podium doe ik dat wat meer, maar in het dagelijks leven niet per se. Doordat ik een luide stem heb, word ik toch een beetje gedwongen om die ruimte in te nemen. Het is daardoor een wisselwerking tussen mij en mijn stem. Misschien zit er iets van een oude ziel in. Mijn stem compenseert eigenlijk voor wat ik soms moeilijk vind: die diepte, die grootsheid en die aanwezigheid.”

Daar ligt iets wezenlijks in haar kunstenaarschap. Op een podium hoeft Sophie geen andere versie van zichzelf te worden. Haar stem kan juist zichtbaar en hoorbaar maken wat in het dagelijks leven soms zachter aanwezig blijft. De weg door de Koningstheateracademie bestond ondertussen uit veel meer dan artistieke lessen. Sophie was relatief jong toen ze werd aangenomen en werd tijdens haar opleiding ook persoonlijk met zichzelf geconfronteerd. Ze besloot hulp te zoeken en doorliep gedurende haar eerste jaren intensieve therapeutische trajecten. Uiteindelijk koos ze ervoor haar derde studiejaar opnieuw te doen. Die beslissing kwam voort uit vermoeidheid na een periode waarin veel tegelijkertijd van haar had gevraagd. Een minor in Antwerpen bracht vervolgens iets wat moeilijk in cijfers of prestaties te vangen is: ruimte. “Ik kwam op de KTA en werd best wel geconfronteerd met van alles en nog wat. Op een gegeven moment dacht ik: volgens mij moet ik in therapie. Zo ben ik de eerste drie jaar van de KTA vrij intensieve trajecten doorlopen. Aan het einde van het derde jaar heb ik besloten dat jaar opnieuw te doen, omdat ik eigenlijk gewoon moe was van alle intensiteit. Daarna ben ik voor een minor naar Antwerpen gegaan. Daar voelde ik ineens ruimte. Ik hoefde daar niets en hoefde me niet druk te maken over cijfers. Ik kon veel vrije tijd besteden aan leuke dingen en dacht ineens: ik hoef helemaal niet zo hard te werken. Ik mag gewoon zijn en mijn hoofd doet het werk toch wel. Volgens mij heb ik vanaf dat moment mijn onzekerheid meer ruimte durven geven. Ik dacht ineens: wacht even, ik hoef niet te werken om iemand te worden. Ik ben al iemand. Ik moet werken om die persoon ruimte te geven. Dat besef kwam aan het begin van dit jaar. Sinds ik terug ben in Nederland voel ik me ook veel rustiger. Volgend jaar ga ik afstuderen en daar heb ik echt zin in. Ik denk nu vooral: yes, volgens mij gaat dat vet worden.”

Zichzelf laten zien

Twee ontmoetingen bleven daarin nadrukkelijk bij Sophie hangen. De eerste vond plaats tijdens een persoonlijk maakproces aan de Koningstheateracademie. Sophie maakt graag voorstellingen rond onderwerpen waarvan zij vindt dat er meer over gesproken mag worden. Tijdens haar eerste derde studiejaar koos ze voor een voorstelling over een eetstoornis, vanuit haar eigen ervaring daarmee. Het onderwerp bracht een fundamentele tegenstelling met zich mee. Een eetstoornis wil zich volgens Sophie verbergen, terwijl theater juist vraagt om zichtbaar te worden. Anna, destijds directeur van de KTA, hielp haar dat spanningsveld scherper te zien. “Het was een moeilijk proces, want een eetstoornis is natuurlijk een ingewikkeld onderwerp. Een eetstoornis wil zich niet laten zien en als je theater gaat maken, moet je jezelf juist laten zien. Anna zei toen tegen mij: ‘Als jij gezien wilt worden, moet je alles laten zien. Dan kunnen wij als publiek ook naar je kijken.’ Dat was voor mij een heel helder moment. Als ik het over dit soort onderwerpen wil hebben, moet ik ook de vieze dingen laten zien, want die zijn eveneens onderdeel van wat het is. Op persoonlijk niveau is dat een belangrijk moment voor mij geweest.”

Eerlijkheid kreeg daarmee een andere betekenis. Zichtbaarheid draait binnen Sophies werk niet uitsluitend om op een podium durven staan. Ze wil onderwerpen werkelijk benaderen en daarbij ook toelaten wat ongemakkelijk, confronterend of minder fraai is. Een tweede inzicht kreeg ze tijdens haar minor aan het conservatorium in Antwerpen. Daar stelde docent Jurgen Delnaet tijdens een werksessie een opmerking tegenover haar natuurlijke neiging om verder te willen. “Ik vroeg hem om feedback en vroeg hoe ik verder moest werken. Hij zei: ‘Je moet helemaal niet verder werken. Het kunstwerk vormt zichzelf. Je moet alleen geduld hebben.’ Toen dacht ik: wauw, wat lekker om die overtuiging aan te houden. Je kunt een idee bedenken en het daarna weer even laten liggen. Op een gegeven moment komt dat idee terug en weet je ineens wat je ermee moet doen. Artistiek en persoonlijk zijn dat voor mij heel belangrijke momenten geweest.”

Tussen beide lessen bevindt zich veel van de maker die Sophie aan het worden is. Ze leerde dat eerlijk werk soms vraagt om verder naar binnen te durven kijken en tegelijkertijd dat goed werk niet voortdurend geforceerd hoeft te worden. Zichtbaarheid en geduld mogen naast elkaar bestaan.

Liefdevolle mensen geven haar ruimte om verder te groeien

Doordat ze een studiejaar opnieuw deed, studeerde Sophies oorspronkelijke klas inmiddels af. Dat bracht aanvankelijk het gemis mee dat ze dat gezamenlijke proces niet met hen doorliep, maar leverde haar tegelijkertijd iets waardevols op: vriendinnen die inmiddels weten hoe zo’n afstudeerjaar voelt en haar straks vanuit hun eigen ervaring kunnen bijstaan. Ook thuis bevindt creativiteit zich werkelijk overal. Haar ene zus gaat mode studeren, een ander houdt zich bezig met beeldende kunst en weer een ander met grafische vormgeving. Haar vader is vormgever. Een kostuum, decor of poster hoeft daardoor nooit alleen een praktisch onderdeel van een voorstelling te zijn; het kan ook iets worden waarin de mensen om Sophie heen letterlijk een stukje van zichzelf meegeven. “Mijn beste vriendinnen zaten in mijn oorspronkelijke klas en ik verheug me er ergens op dat ik straks denk: ik wil niet meer, en dat zij dan kunnen zeggen dat het echt wel goed komt. Daarnaast heb ik een heel creatieve familie. Mijn ene zusje gaat mode studeren, een ander doet beeldende kunst en mijn andere zusje doet grafische vormgeving. Die kan ik dus aan alle kanten inzetten voor mijn kostuum, decor en poster. Mijn vader is ook vormgever en kan misschien helpen. Ik denk daardoor dat ik de goede mensen om me heen heb om mij door dat spannende proces heen te slepen.”

Binnen die kring neemt ook Rosalie Custers een bijzondere plaats in. Tijdens de Makersweek bij Makerij La Lande van Lander Severins maakten ze voor het eerst samen iets. Dat hielp Sophie ook om vrijer work in progress te delen met iemand naar wie ze binnen het cabaret opkijkt. “Ik vond het eerst best spannend om werk in ontwikkeling aan Rosalie te laten horen. Ik kijk op het gebied van cabaret toch een beetje naar haar op. Tijdens de Makersweek hebben we voor het eerst samen iets gemaakt en dat was heel leuk. Sindsdien denk ik: zo kan het dus ook. Ik kan af en toe iets laten zien en testen. Daar heb ik inmiddels mensen voor en dat geeft vertrouwen.”

Hun verbinding wordt voor Sophie mede waardevol door wat er tussen hun verschillende karakters gebeurt. Zelf heeft ze door haar achtergrond geleerd veel te praten en woorden te geven aan wat er speelt. Bij Rosalie herkent ze een andere zachtheid. “Ik ben wel van het praten en daardoor trek ik soms de woorden uit Rosalie die zij liever in zichzelf houdt. Rosalie is heel lief, zacht en warm en ze kan heel goed troosten. De manier waarop zij zacht naar de wereld kan kijken, is voor mij een inspiratie. Daardoor kan ik af en toe ook wat zachter naar mezelf kijken. Tegelijkertijd lijken we op andere vlakken weer heel veel op elkaar. We hebben dezelfde vorm van verwondering en gaan natuurlijk hetzelfde werk doen. Het is een mooie balans tussen verschillen en gelijkenissen.”

Samenwerken laat verschillende werelden in één kunstwerk samenkomen

Die liefde voor mensen keert ook terug in andere artistieke samenwerkingen. Rond Future Feels werkte Sophie samen met Kaat Blokhuis. Een goede samenwerking hoeft voor haar niet te betekenen dat twee makers hetzelfde kunnen. De waarde zit veel eerder in wat de een toevoegt op een gebied waarop de ander minder thuis is. “Ik houd gewoon heel erg van mensen en daarom vind ik samenwerken bijna altijd leuk. Samen kun je sparren en ideeën uitwisselen. Kaat is bijvoorbeeld een heel goede gitarist en dat kan ik zelf niet, dus het is fijn om met iemand te werken die iets heel goed beheerst. Op die manier kun je elkaar aanvullen. Ik haal daarnaast heel veel inspiratie uit de verhalen van anderen. Dat is misschien wel het belangrijkste: dat je samen bent en allebei iets bijdraagt.”

Die gedachte sluit naadloos aan bij hoe Sophie zelf in elkaar zit. Haar kracht hoeft niet te bestaan uit alles alleen kunnen. Ze lijkt juist steeds interessanter te gaan maken vanuit ontmoetingen: tussen disciplines, tussen mensen, tussen vrolijkheid en ongemak en tussen haar eigen ideeën en de wereld die daarop reageert. Voor haar opleiding moest Sophie uiteindelijk woorden geven aan het genre waarin haar eigen werk thuishoort. Ze speelde met verschillende benamingen, waaronder een term die misschien wel verrassend goed samenvat wat ze wil achterlaten: confetti-cabaret. Het beeld bezit vrijwel alles wat haar aantrekt. Confetti is kleurrijk en vrolijk, hoort bij feest en spektakel en kan een ruimte onmiddellijk veranderen. Tegelijkertijd verdwijnt het na afloop nooit helemaal. Dagen later duikt ergens nog een stukje op. Er zit herinnering in, een vleugje nostalgie en iets wat hardnekkiger blijft hangen dan het vluchtige feest aanvankelijk doet vermoeden. “Ik heb het confetti-cabaret genoemd, met als gedachte: het is feest en confetti is kleurrijk en vrolijk, maar het blijft ook plakken. Na een feestje vind je het nog op allerlei plekken terug en daardoor heeft het ook iets nostalgisch. Ik hoop dat mijn voorstellingen die balans krijgen tussen verwondering, schoonheid en iets magisch, de magie van het leven eigenlijk. Tegelijkertijd mag het confronterend zijn, een beetje pijnlijk worden of net iets te eerlijk zijn. Ik wil dat het een beetje schuurt en tegelijkertijd verzachtend werkt. Dat wil ik teweegbrengen met veel typetjes, muziek, gekke dingen, decor en kostuums. Allemaal pracht en praal erbij.”

De toevallige keuze voor drama leidde naar een plek waarvan ze achteraf kon zeggen dat ze er eigenlijk altijd al naartoe moest. Een stem waarvoor ze weinig passend Nederlandstalig repertoire vond, werd aanleiding om zelf muziek te schrijven. Een periode waarin hard werken lange tijd vanzelfsprekend voelde, bracht haar uiteindelijk bij het inzicht dat bestaan voorafgaat aan presteren. Mensen om haar heen leerden haar dat zichtbaarheid eerlijkheid vraagt, dat kunst soms geduld nodig heeft en dat zachter naar de wereld kijken ook kan helpen om zachter naar jezelf te kijken. “Toen ik jong was, wilde ik helemaal geen theater maken. Ik wilde juf worden of kunstenaar, waarbij ik met kunstenaar gewoon een schilder bedoelde. Als ik iets tegen die jongere Sophie mocht zeggen, zou het denk ik zijn: blijf spelen. Ik denk dat ik als kind te weinig heb gespeeld en dat het goed was geweest als ik nog even had doorgespeeld. Blijf spelen en lekker doorknutselen. Dat zou ik haar willen meegeven.”

Dat spelen leeft in haar muziek, in een onverwacht typetje, in een kostuum dat nog gemaakt moet worden en in een voorstelling die misschien eerst een tijdje met rust gelaten wil worden voordat zij vertelt wat ze nodig heeft. Het leeft in de ruimte die Sophie steeds meer aan haar eigen stem durft te geven en in haar verlangen om met die stem ook anderen iets te laten voelen. Straks mag daar confetti bij. Pracht en praal eveneens. Een scherpe rand hoeft nergens verstopt te worden en zachtheid mag net zo nadrukkelijk aanwezig zijn. Sophie van den Berg lijkt haar kunstenaarschap steeds minder te zoeken in de vraag wie zij nog moet worden. Ze heeft ontdekt dat die persoon er al is. Vanuit die basis kan ze blijven spelen, creëren en verbinden, met een talent dat ruimte inneemt zonder zijn warmte te verliezen en met verhalen die na het applaus misschien nog ergens onverwacht blijven kleven.

Foto: Renee Goris

Rating: 0 sterren
0 stemmen

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.