Op het moment dat de laatste zoemer klinkt in het Topsportcentrum Almere, staat er 100-80 op het scorebord. De spelers van Triple ThreaT onder 12 weten dan dat een bijzonder seizoen het hoogst haalbare einde heeft gekregen. BS Leiden heeft lang geprobeerd het tempo van de Haarlemmers bij te houden, maar de landstitel gaat naar Triple ThreaT. Een van deze kampioenen is Dex Raposo. Zijn eerste seizoen in Haarlem heeft hem meteen de Nederlandse titel opgeleverd. De titel komt vroeg in zijn basketballeven, maar niet uit het niets. Hij maakt zijn prestaties niet groter dan ze zijn, maar zeker ook niet kleiner.
De Rijp, waar het allemaal begon
Bij zijn eerste kennismaking met basketbal moet Dex zijn plaats tussen de andere kinderen vinden en ontdekken wat trainen in teamverband van hem vraagt. Hij blijft desondanks terugkomen naar de zaal. Het plezier groeit, net als zijn behoefte om vaker te trainen en zich aan oudere spelers op te trekken. “Ik was zeven toen ik bij Derba in De Rijp begon. Eerst had ik ook Basketbal school gedaan. Ik vond basketbal steeds leuker en later ging ik meer trainen, onder meer bij All Day Athletes.”
De extra uren maken hem vertrouwder met een hoger tempo. Wedstrijden met oudere spelers vragen om snellere keuzes en meer weerbaarheid. Iedere omgeving voegt zoiets toe aan de speler die hij aan het worden is. In Haarlem krijgt hij een nieuwe gelegenheid om bij Triple ThreaT te laten zien wat hij kan. “Na Landslake Lions heb ik een keer meegetraind bij Triple ThreaT. Ted Konno vroeg daarna of ik hier wilde komen spelen. Ik zei ja, en nu speel ik hier.”
Spanning maakt plaats voor vertrouwen op het hoogste onder 12 niveau
De overstap betekent dat Dex voor het eerst structureel op landelijk niveau gaat basketballen. Nieuwe ploeggenoten, sterkere tegenstanders en een hogere trainingsintensiteit maken duidelijk dat talent alleen niet genoeg is. Alles gaat sneller en ieder foutje wordt eerder afgestraft. In die nieuwe wereld moet hij zijn eigen manier van spelen zien te behouden. “In het begin vond ik het spannend, want het is natuurlijk de Eredivisie. Je wilt laten zien wat je kunt. Op een gegeven moment ging het vooral om goed focussen, doen waarvoor je hier bent en doen waar je het beste in bent.”
Binnen het team onder 12 krijgt Dex te maken met Jeffrey Brons. Dex begrijpt meteen dat strengheid ook kan betekenen dat iemand mogelijkheden in hem ziet. Jeffrey zag die mogelijkheden zeker in hem. “Jeffrey was een leuke en gezellige coach. Hij wist wat wij goed konden, wat minder goed ging en waarop wij moesten letten. Iedereen in het team vond hem een leuke coach.”
De spelers raken gedurende het seizoen steeds beter op elkaar ingespeeld en leren wedstrijden op verschillende manieren te winnen. Soms gebeurt dat met snelheid en aanvallende overtuiging, soms door verdedigend overeind te blijven of na een lastig moment samen de controle terug te vinden. Het seizoen levert veel overwinningen en slechts drie nederlagen op. Belangrijker nog is het vertrouwen dat groeit wanneer iedere speler zijn bijdrage levert.
Eén wedstrijd voor de landstitel
Het Nederlands kampioenschap krijgt zijn ontknoping in Almere. Triple ThreaT begint de finale tegen BS Leiden met snelheid, lef en veel beweging. De Haarlemmers openen sterk, al weigert Leiden de wedstrijd cadeau te doen. Na het eerste kwart is het verschil met 24-21 nog klein. Bij rust heeft Triple ThreaT iets meer afstand genomen en staat het 42-34. Een indrukwekkend derde kwart brengt de ploeg definitief in de positie om de landstitel te grijpen. Dex weet dat hij een gebeurtenis meemaakt die voor een jonge speler allerminst vanzelfsprekend is. Later vertelt hij hoe hij tijdens die finale orde in zijn hoofd probeerde te houden. “Het was een heel leuke ervaring, want zoiets maak je niet vaak mee. Natuurlijk stond er meer druk op dan bij een gewone wedstrijd. Ik bleef tegen mezelf zeggen dat het uiteindelijk gewoon een wedstrijd was die we moesten winnen om kampioen te worden. Rustig blijven was voor mij het belangrijkste. Je moet jezelf niet zenuwachtig maken met de gedachte dat je dit of dat móét doen. Je moet spelen zoals je altijd speelt en blijven doorgaan.”
De beker die Dex in zijn handen houdt, staat symbool voor een jaar waarin een nieuwe club steeds meer als zijn eigen plek is gaan voelen. “Het was superleuk om uiteindelijk die beker te krijgen. We bleven het hele jaar met elkaar trainen en wedstrijden winnen. Dan is het geweldig om dit samen mee te maken.”
Leren spelen buiten de comfortzone
Het kampioensjaar van Dex speelt zich niet alleen af in Nederlandse sporthallen. Toernooien en wedstrijden in onder meer Duitsland, Zweden, Tsjechië en Frankrijk laten hem kennismaken met andere basketbalculturen. Hij speelt in Lund, Brno en Parijs, komt in Rijswijk in actie en doet ervaring op bij evenementen als Rising Stars en een toernooi van Lokomotief. Montenegro staat eveneens op het programma. Voor een speler van elf levert dat een schat aan indrukken op. “Buiten Nederland ligt het niveau hoog en is er veel fysiek contact. Je moet meer van jezelf verwachten en harder spelen dan je soms in Nederland gewend bent. Dat is ons in Brno goed gelukt, want daar hebben we twee bekers gewonnen. In Lund wonnen we ook een beker en bij Rising Stars pakten we er twee. Bij Lokomotief kwam daar nog een beker bij. Het bleef maar doorgaan.”
De prijzen maken de reizen extra bijzonder, al zit de grootste waarde in wat Dex onderweg leert. De ruimte om rustig na te denken is kleiner en beslissingen moeten sneller worden genomen. Iedere wedstrijd tegen een onbekende ploeg dwingt hem om te herkennen wat er nodig is. Iedere sporthal brengt een andere sfeer, een ander ritme en een nieuw soort weerstand. Daardoor wordt zijn blik op basketbal vanzelf ruimer dan de Nederlandse competitie. Bij Triple ThreaT heeft Dex na zijn jaren bij Derba en Landslake Lions een plek gevonden waar ambitie normaal voelt. De Haarlemse club is voor hem geen eindstation, maar evenmin slechts een tussenhalte. Hij waardeert het niveau waarop hij nu kan trainen en spelen. Vanuit die omgeving durft hij tegelijk verder te kijken. De internationale wedstrijden hebben van het buitenland iets concreets gemaakt. Dex heeft zelf gevoeld hoe tegenstanders daar spelen en weet welke omgeving hem nieuwsgierig maakt. Wanneer het gesprek op zijn toekomst komt, hoeft hij dan ook niet lang naar een voorbeeld te zoeken. “Ik hoop dat ik bij Triple ThreaT beter kan worden en later misschien naar een grotere club kan gaan. Triple ThreaT is zelf al een grote club, maar Duitsland lijkt mij mooi. Misschien wordt het ooit Bonn, want daar heb ik al tegen gespeeld.”
Dex noemt Bonn vanwege die eerdere ontmoeting. De Duitse club is daardoor geen willekeurige stip op de horizon, maar een tegenstander die hij al eens tegenover zich heeft gehad. Een uitgestippeld plan hoeft het op zijn elfde nog niet te zijn. Eerst wacht een veel directere uitdaging: de overstap naar onder 14. “Komend seizoen wordt anders en de coaches zullen iets strenger zijn dan Jeffrey. Ik denk gewoon dat we het goed gaan doen.”
Basketbal op dit niveau is niet goedkoop, benadrukt de moeder van Dex. Deelname aan een landelijk programma en internationale reizen vragen veel van een gezin. Haar betrokkenheid laat zich echter niet uitsluitend uitdrukken in praktische offers. Zij leeft met haar zoon en met zijn hele ploeg mee. Die betrokkenheid houdt niet op bij haar eigen kind. De moeder van Dex moedigt bewust het hele team aan, juist omdat zij vindt dat jonge spelers moeten voelen dat er mensen achter hen staan. Door haar reizen kan zij niet iedere wedstrijd bijwonen. Volgens haar is het voor Dex op zulke dagen merkbaar stiller langs het veld. “Mijn moeder geeft mij heel veel steun en is altijd heel lief voor mij. Ze kan snel zenuwachtig worden en langs de kant laat ze zich echt horen.”
Haar fanatisme komt voort uit liefde en trots. Zij weet hoeveel werk er achter ieder moment op het veld schuilgaat en ziet ook de dagen waarop het minder gemakkelijk gaat. Vanaf de zijlijn is zij supporter, motivator en soms een extra coach. Thuis is zij degene bij wie Dex altijd weer kan landen. Juist die combinatie geeft hem de ruimte om kind te blijven terwijl zijn sportieve wereld steeds groter wordt.
Nog maar elf, al volop onderweg
De bekers springen als eerste in het oog wanneer het seizoen van Dex wordt bekeken. Hij accepteert dat een coach streng is wanneer die meer in hem ziet. Hij zoekt sterkere tegenstanders op en begrijpt dat fysieke wedstrijden hem kunnen helpen groeien. Hij blijft een jongen van elf die plezier wil maken met zijn ploeggenoten, zijn moeder langs de lijn hoort en droomt over een club in Duitsland. Die twee kanten hoeven elkaar niet in de weg te zitten. Ambitie krijgt pas werkelijk betekenis wanneer er ook ruimte blijft voor verwondering, teamgevoel en het eenvoudige geluk van samen een beker omhooghouden. Dat kampioenschap in Almere betekent daarom meer dan alleen een prijs. Nu staat de overstap naar onder 14 voor de deur; daarna ligt alles nog open. De richting is in ieder geval duidelijk. Dex wil vooruit, met rust in zijn hoofd, vuur in zijn spel en altijd die vertrouwde stem langs de lijn.
Reactie plaatsen
Reacties