Dean en Loïs de Graaf groeien ieder op hun eigen manier middels hun basketbaltalent

Gepubliceerd op 5 september 2026 om 08:30

Vier jaar oud waren ze toen basketbal voor het eerst een vaste plek in hun leven kreeg. Inmiddels zijn er vele trainingen, wedstrijden, toernooien en spannende finales gevolgd. Dean en Loïs de Graaf delen dezelfde passie, spelen bij dezelfde academie en delen een groot deel van hun basketbalverhaal, maar broer en zus bewandelen ieder hun eigen weg. De 15-jarige Dean staat aan de vooravond van een nieuw seizoen bij PrismaWorx BAL onder 16 en wil steeds nadrukkelijker laten zien welke speler er in hem zit. Zijn 17-jarige zus Loïs gaat spelen bij onder 18 en onder 21 en heeft inmiddels ervaren hoeveel groei er verscholen kan zitten tussen zenuwen, tegenslagen en het vertrouwen om steeds opnieuw verder te gaan.

Vroegtijdig begonnen aan de basketbalsport

Dean en Loïs begonnen op vierjarige leeftijd bij de Peanuts van BAL. Hun ouders hebben vroeger ook gebasketbald. Voor Loïs liggen die eerste trainingen inmiddels ver terug, al is het gevoel dat erbij hoorde nog altijd helder. “Ik denk dat ik op mijn vierde bij de Peanuts van BAL meetrainde. Veel herinner ik mij daar niet meer van, maar ik vond het wel heel leuk.”

Ook Dean hoefde niet lang te zoeken naar de sport waarin hij zich thuis zou gaan voelen. “Ik ging ook op mijn vierde bij de Peanuts meetrainen. Ik herinner me vooral onder 10 met de toernooitjes, want toen speelde ik nog geen competitie. Het ging meestal ook gelijk wel goed. Voor mijn gevoel was ik meestal een van de beste en dat was wel leuk.”

Loïs ontdekte al vroeg dat plezier niet vanzelfsprekend blijft bestaan wanneer je een sport al jarenlang beoefent. Er kwam een periode waarin haar enthousiasme verdween en ze besloot een half jaar te stoppen. Dat besluit bleek uiteindelijk geen definitief afscheid van de sport te zijn. “Ik vond het op dat moment gewoon niet meer leuk. Ik had niet echt veel zin meer om naar de training te gaan en te basketballen. Daarna ben ik weer verdergegaan en daar ben ik ook wel blij mee.”

Die terugkeer kreeg met de jaren steeds meer betekenis. Inmiddels speelt ze op een niveau dat behoorlijk ver verwijderd is van die eerste trainingen bij de Peanuts.

Voorbeelden die iets laten zien van hun eigen spel

Iedere speler kijkt anders naar basketbal. De één bewondert vooral scorend vermogen, terwijl een ander juist wordt gegrepen door veelzijdigheid, verdediging of de manier waarop iemand verschillende onderdelen van het spel beheerst. Bij Loïs komt veel daarvan samen in A’ja Wilson. De Amerikaanse topspeelster spreekt haar juist aan doordat haar kwaliteiten zich niet tot één onderdeel beperken. “Ik vind A’ja Wilson echt heel cool. Zij kan eigenlijk best wel alles. Ze kan schieten, driven en posten.”

Loïs speelt zelf voornamelijk op de driepositie. Haar spel kan verschillende kanten op, afhankelijk van wat een wedstrijd van haar vraagt. Dean vindt zijn voorbeeld eveneens in een speler die op meerdere manieren invloed kan hebben. “Voor mij is Cooper Flagg van de Dallas Mavericks een voorbeeld, omdat hij gewoon heel allround speelt. Hij speelt goede defense, kan goed schieten, driven en is sterk. Zo zou ik zelf ook wel willen spelen. Ik houd van offensive rebounds en daarna scoren. Driepunters en het aanvallen van close-outs zijn ook acties die bij mijn spel passen.”

Hun plek vinden

De overgang naar de academie bracht voor beiden een nieuwe werkelijkheid. Het tempo ging omhoog, tegenstanders werden sterker en de verwachtingen veranderden. Loïs was ongeveer 13 jaar toen ze bij onder 16 terechtkwam. Doordat er op dat moment geen onder 14 was, stapte ze direct een ploeg binnen met speelsters die soms twee of drie jaar ouder waren. Die leeftijdsafstand voelde groot. Het landelijke niveau maakte de stap nog indrukwekkender en tijdens haar eerste wedstrijd merkte ze hoeveel spanning daarbij kwam kijken. “Mijn eerste wedstrijd herinner ik me nog goed, want ik was heel zenuwachtig. Ze waren twee of drie jaar ouder dan ik en dat vond ik best spannend.”

Wat destijds nog groot en onbekend voelde, werd gaandeweg haar eigen omgeving. De wedstrijden tegen sterke tegenstanders, het trainen met speelsters van een hoger niveau en later ook het aansluiten bij onder 21 zorgden ervoor dat Loïs steeds meer situaties leerde kennen. Ze leerde vooral wat het betekent om er middenin te staan. Dean maakte zijn eerste landelijke stappen eveneens als jonge speler. Hij was twaalf toen hij met onder 13, het onder 14-2-team, in de Eerste Divisie uitkwam en daarnaast af en toe aansloot bij onder 14. Resultaten kwamen in die periode nauwelijks, maar juist zo'n seizoen kan een jonge speler veel leren. “Ik was twaalf toen ik bij onder 13 begon en soms ook met onder 14 meespeelde. Met onder 13 speelden we Eerste Divisie. Het ging toen niet heel goed met het team, omdat we heel jong waren. We verloren alles en degradeerden uiteindelijk doordat we laatste werden. Wanneer ik met onder 14 mee moest doen, vond ik dat soms wel spannend.”

Een halve finale die Loïs vanaf de kant nooit vergat

Een van de dierbaarste basketbalherinneringen van Loïs ontstond op een moment waarop een blessure haar aan de kant hield. Het team van onder 18 speelde in de halve finale van het bekertoernooi tegen Apollo en leek lange tijd op weg naar uitschakeling. Loïs kon zelf niets veranderen aan het scorebord, maar beleefde de ommekeer intens mee. “De halve finale tegen Apollo voor de beker is echt een van mijn mooiste wedstrijden, ook al speelde ik zelf niet omdat ik geblesseerd was. We stonden ver achter en aan het einde van het derde kwart en in het vierde kwart kwamen we terug. Uiteindelijk wonnen we in overtime. De bekerfinale met onder 18 en de landelijke finale met onder 21 waren natuurlijk ook heel bijzondere ervaringen. Die hebben we niet gewonnen, maar het waren wel mooie wedstrijden om mee te maken.”

De bekerfinale bracht haar naar Almere, waar de ambiance en het belang van één wedstrijd voor een heel ander gevoel zorgden. Tegen Celeritas Donar voelde ze hoeveel verlangen er binnen een ploeg kan ontstaan om een prijs daadwerkelijk mee naar huis te nemen. “Ik vond het heel spannend. Je merkt heel erg dat je op zo'n moment moet gaan presteren. Dat moet je natuurlijk altijd, maar tijdens zo'n finale wil je gewoon heel graag winnen en die beker pakken. Daardoor vond ik het echt heel spannend. Ze hadden heel vaak backdoor drives. Vanuit de corner sneden ze door en daar hebben ze heel vaak mee gescoord. Ze zijn ook gewoon sterk.”

Ook bij onder 21 maakte ze de landelijke finale van dichtbij mee. Speelminuten kreeg ze daarin niet, maar haar plek op de bank betekende wel dat ze onderdeel was van een oudere ploeg en kon ervaren wat er op dat niveau wordt gevraagd. “De finale was drie kwarten lang best spannend. Met een ouder team meespelen geeft mij ervaring.”

Die ervaring neemt ze mee naar een volgende fase. Komend seizoen wacht niet alleen onder 18, maar krijgt ook onder 21 een plaats binnen haar basketbalontwikkeling.

Dean zag hoe snel een verloren serie volledig kon kantelen

Bij Dean staat een andere wedstrijd diep in het geheugen gegrift. In de play-offs speelde BAL een kwartfinaleserie tegen Lokomotief. Na de eerste ontmoeting leek de uitgangspositie bijzonder moeilijk. “We speelden vorig jaar in de kwartfinale van de play-offs tegen Lokomotief. De eerste wedstrijd hadden we volgens mij met 24 punten verschil verloren. De tweede wedstrijd wonnen we uiteindelijk met 26 punten verschil, waardoor we toch doorgingen naar de halve finale. Zelf speelde ik die tweede wedstrijd niet. De eerste wedstrijd speelde ik wel, maar vorig jaar was ik sowieso een stuk kleiner dan nu en nog niet zo ver ontwikkeld.”

Het zegt iets over hoe snel de ontwikkeling op zijn leeftijd kan gaan. Een jaar kan fysiek veel veranderen, terwijl ervaring en vertrouwen eveneens blijven groeien. Wedstrijden tegen sterke jeugdopleidingen zorgen ondertussen steeds opnieuw voor weerstand. Tegen Celeritas Donar heeft Dean bijvoorbeeld ervaren hoe klein de verschillen kunnen zijn. “We hebben in de onder 14 zeker tegen Celeritas Donar wedstrijden gespeeld waarin het spannend was. De ene keer wonnen zij en de andere keer wonnen wij. Ik heb er wel zin in. Afgelopen seizoen heb ik mezelf wat meer kunnen laten zien. Het seizoen daarvoor speelde ik niet zoveel en kon ik daardoor minder laten zien wat ik kon. Ik heb het gevoel dat ik mezelf komend seizoen een stuk beter kan laten zien.”

BAL beleven ze ook wanneer ze zelf niet op het veld staan

Wie zo lang onderdeel is van Basketbal Academie Limburg, krijgt basketbal op veel meer manieren mee dan alleen tijdens de eigen trainingen en wedstrijden. De wedstrijden van de eerste teams horen daar vanzelfsprekend bij. Dean en Loïs wonen bovendien vlak bij sporthal Boshoven, waardoor grote basketbalavonden letterlijk dichtbij zijn. Eén wedstrijd maakte op beiden veel indruk: de ontmoeting van PrismaWorx BAL met Filou Oostende. Het verschil in uitgangspositie tussen de ploegen was aanzienlijk, terwijl daar tijdens de wedstrijd nauwelijks iets van te merken was. “De wedstrijd tegen Filou Oostende van dit seizoen is mij bijgebleven”, vertelt Dean. “BAL verloor heel nipt en dat was jammer. Het laatste schot van Simon Buysse zorgde ervoor dat het overtime werd. Een bekerwedstrijd tegen Rotterdam City Basketball herinner ik me ook nog. Toen moest ik dweilen en dat was ook een leuke wedstrijd om te kijken.”

Loïs beleefde die avond tegen Oostende vanuit hetzelfde gevoel. Juist doordat BAL tegenover een ploeg stond die veel hoger op de ranglijst terug te vinden was, maakte de spanning extra indruk op haar. “Die wedstrijd tegen Filou Oostende is mij ook bijgebleven. Oostende stond heel hoog op de ranglijst en BAL stond onderaan, terwijl het gewoon een heel spannende wedstrijd werd. Het was zonde dat ze hem uiteindelijk lieten schieten.”

Buitenlandse ervaringen verbreden hun blik

Dean speelde meerdere internationale toernooien en reisde onder meer naar Italië, Ardres en Kortrijk. Vooral zijn ervaringen in Italië maakten duidelijk dat het niveau buiten Nederland weer andere eisen kan stellen. “Ik heb een paar buitenlandse toernooien gespeeld. Ik ben een keer in Italië geweest toen ik onder 14 was en daar tegen onder 15 speelde. Dat was echt een heel hoog niveau, zeker door het leeftijdsverschil. Aan het begin van dit seizoen heb ik ook in Turijn gespeeld. Daar speelden we ongeveer tegen spelers van dezelfde leeftijd, maar het niveau lag alsnog hoger dan in Nederland. Ik ben daarnaast ook in Kortrijk en Ardres geweest.”

Buitenlandse toernooien laten hem zien welke oplossingen andere spelers vinden. Daardoor wordt vergelijken geen kwestie van wie beter is, maar een manier om het eigen spel verder te begrijpen. “Je leert ervan doordat je ziet hoe andere mensen spelen. Soms merk ik dat ik iets zelf niet goed doe en zie ik iemand anders het op een andere manier uitvoeren. Daar kan ik mijn eigen spel vervolgens op aanpassen.”

Loïs kwam eveneens regelmatig in Kortrijk in actie. Eén buitenlandse reis steekt er voor haar nog altijd bovenuit. “Ik ben eigenlijk vaak naar Kortrijk geweest en één keer naar Oostenrijk, naar Klagenfurt. Dat is alweer even geleden, maar dat was echt een heel mooi en groot toernooi. Die ervaring was best speciaal.”

Al die reizen voegen iets toe wat tijdens een gewone competitiewedstrijd moeilijker te vinden is. Nieuwe tegenstanders brengen nieuwe speelstijlen mee. Andere landen hebben hun eigen basketbalcultuur en het onbekende vraagt om aanpassingsvermogen. Voor jonge spelers die nog volop ontdekken waar hun kwaliteiten liggen, kan juist daarin veel groei ontstaan.

Een zus die ziet hoeveel haar broertje eigenlijk kan

Dean en Loïs delen iets wat ze buiten de lijnen zien in elkaars ontwikkeling. Wanneer Loïs één ding mag noemen waarmee Dean een volgende stap kan zetten, gaat het niet over zijn schot, zijn reboundwerk of zijn fysiek. Ze kijkt naar iets wat zich moeilijker in statistieken laat vangen: het vertrouwen waarmee hij op het veld staat. “Ik denk dat hij op het veld niet zo onzeker hoeft te zijn. Hij kan het namelijk wel, alleen is hij nog heel erg onzeker.”

Dean heeft zelf al aangegeven dat hij het afgelopen seizoen meer van zichzelf heeft kunnen laten zien en verwacht dat komend seizoen nog nadrukkelijker te kunnen doen. Zijn zus ziet kennelijk al wat er mogelijk is wanneer hij zichzelf dezelfde ruimte durft te geven. Dean kijkt op zijn beurt op een heel andere manier naar Loïs. “Ik denk dat ze sneller kan zijn in de defense.”

De sport die voor beiden op vierjarige leeftijd bij de Peanuts begon, groeit zo met hen mee. Dean en Loïs geven ieder op hun eigen manier betekenis aan alles wat daarbinnen gebeurt. Soms kan degene die al bijna je hele leven naast je loopt zien welke kracht je zelf nog wat vaker mag geloven.

Rating: 5 sterren
2 stemmen

Reactie plaatsen

Reacties

Marjolein De Graaf
34 minuten geleden

Dank je wel voor het interview en de mooie woorden!

Kelly Vd graaf
13 minuten geleden

Mooi stuk over deze twee TOPPERS!!