Babette Holtmann werd geboren in het Brabantse Waalre en bouwde haar vak op via studies aan het Conservatorium van Maastricht, het Western Wyoming Community College in de Verenigde Staten en het Conservatorium van Alkmaar, waar zij in 2007 afstudeerde. Vanaf haar musicaldebuut in Rembrandt ging het snel: ze verscheen in 2007 in het AVRO-programma Op zoek naar Evita en speelde in producties als Joe, De hemel kan wachten en Anatevka waarin zij onder meer Tzeitel en Fromme Sarah vertolkte. In film en theater was zij eveneens zichtbaar, met rollen in onder andere De Multi Culti Story, Voorbijgangers en Caged, en later in het toneelstuk Masterclass met Pia Douwes. Wie Babette vandaag ontmoet, treft een creatieve kunstenaar op het gebied van levensbeschouwing, iemand die mensen uitnodigt om terug te keren naar hun kern: via muziektheater, via stembevrijding en via Human Design. Foto: Mark van Welzenis - This is Me Photography
De Brabantse basis
Babette heeft altijd geweten dat ze iets wilde met muziek en op een podium staan. Uiteindelijk is het voor haar gevoel haar ziel die wilde zingen. Als kleuter stond zij al in een volle kerk, zonder schroom. “Ik was toen ook heel erg zelfverzekerd en overtuigd van mezelf en helemaal niet bang om mijn stem te laten horen,” herinnert Babette zich. “Toen mijn kleuterjuf ging trouwen, heb ik gezongen voor de volle kerk. Als de meester jarig was, ging ik altijd zingen. Dat was echt mijn ding.”
Dat gevoel is nooit verdwenen. Het veranderde alleen van vorm. De route begon met klassiek; audities doen, de keuzes en de overtuiging dat er maar één logische weg was. “Op een gegeven moment is er zo’n keuzemoment: wat ga je doen met je studie? Ik wil zangeres worden, dus ik moet naar een conservatorium. Ik ben overal auditie gaan doen. Toen ben ik aangenomen voor de vooropleiding in Maastricht. Voor de klassieke zangopleiding.”
Een jaar later volgde een uitspraak die als een sleutel werkte. Toen zei haar docent: “dat klassieke wereldje is echt niks voor jou. Daar pas jij niet. Volgens mij moet jij erbij gaan spelen en dansen. Dat klassieke is veel te stijf allemaal. Misschien moet je eens aan musical gaan denken.”
Die suggestie raakte aan iets dat Babette zelf nog niet volledig had benoemd. “Na de suggestie van die docent ben ik naar WWCC in Amerika gegaan, vervolgens naar het conservatorium van Alkmaar en in mijn derde jaar in Alkmaar kwam de kans van Carré.”
Foto: Jessica Teeuw
Carré als beginpunt
Soms pakt het leven meteen fantastisch uit, precies op het moment dat je het aandurft. “Ik heb stagegelopen in Rembrandt De Musical. Dus mijn eerste werk was in Carré; acht maanden spelen in Carré. Dat was een ‘dream come true’ moment.”
Niet alleen het gebouw, ook de mensen vormden een thuisgevoel voor haar. “Hele mooie productie, hele fijne mensen ook, met onder andere Henk Poort, Bert Simhoffer, allemaal dat soort ervaren acteurs en zangers. Dat was echt een familie. Zo’n fijne club. Met een hele fijne cast.”
In de musicalwereld werd een kinderdroom werkelijkheid, maar ook een levensles geboren. Het was altijd haar droom geweest om in een grote musical te spelen. Dat waar je als klein meisje van droomt en waarvan mensen zeggen dat ga je nooit bereiken, dat is Babette wel gelukt. Daarnaast was er die bijzondere hechtheid van een cast, een gedeeld leven achter de schermen. “Je wordt met elkaar ongeveer familie, want je brengt zoveel tijd met elkaar door. Dat is zoiets bijzonders. In al dat soort projecten ga je echt van elkaar houden. Ik ga heel snel van mensen houden. Ik vind het dan ook altijd lastig om het los te laten.”
Die gevoeligheid werd gaandeweg ook een oefening in balans. “Ik verlies heel snel mijn hart aan de ander, maar dan ben ik ook een beetje weg bij mezelf. Dat is wel een thema in mijn leven. Door die periodes van samen en los, werd het makkelijker om te verbinden en ook op een gezonde manier afscheid te nemen.”
Foto: Mark van Welzenis - This is Me Photography
Moederschap als bewuste keuze: het podium bleef, de vorm veranderde
Er kwam een nieuwe droom, even groot als de eerste. “Toen kreeg ik een nieuwe droom. Ik wilde graag moeder worden. Hierdoor heb ik wel een stapje teruggedaan uit de musicalwereld. Als ik moeder word, dan wil ik ook mijn kinderen naar bed brengen en niet iedere avond naar mijn werk moeten. Het was een hele bewuste keuze om even een stap terug te doen. Ik ben in 2012 moeder geworden. Mijn oudste dochter is nu 13. Er zijn nog twee kindjes bijgekomen.”
Waar de ene deur even dichtgaat, opent er vaak een andere. “Toen heb ik zelf een musicalschool opgericht in Eindhoven: Centrum voor Musical. Dat bestaat nog steeds. Zeven jaar heb ik met veel plezier met kinderen gewerkt, lesgegeven en geregisseerd. Natuurlijk bleef het maken ook kriebelen. Als de kinderen weer een beetje groter zijn, dan wil mama zelf ook wel weer de ‘bühne’ op,” lacht Babette.
Het moment dat je weet dat je gaat spelen
Sommige projecten kiezen jou. Bij Babette gebeurde dat met een boek dat steeds opnieuw op haar pad kwam. “Soms heb je zo’n inzicht, zo’n stem dat je ineens iets weet. Over Het sprookje van de dood, dat boek had ik al een paar keer gelezen. Dáár wilde ik een voorstelling van maken. Ineens wist ik het.”
Ze kende de schrijfster Marie-Claire van der Bruggen al via een geplande verfilming die niet doorging. Het contact was gebleven. “Marie-Claire was meteen enthousiast van het idee. De volgende stap was een muzikaal idee opvullen. Gitarist en componist Hans Kunneman heb ik hiervoor benaderd, een oude docent van de opleiding in Alkmaar. Ik heb hem gevraagd of hij de muziek wilde componeren. Hij is toevallig ook heel erg van spiritualiteit en zei meteen ja. Sinds 2019 zijn we in première gegaan met de voorstelling Er was eens een Zieltje. Sinds die tijd zijn Hans en ik een duo. We hebben nu drie voorstellingen gemaakt inmiddels.”
Kleine Babette en grote Babette
Een van de mooiste momenten in het gesprek ontstaat wanneer Babette terugkijkt naar zichzelf als kind. “Kleine Babette was het al eigenlijk. Die deed het allemaal al. De grote Babette werd onzeker. Er werd van alles tegen haar gezegd. Misschien was je niet goed genoeg. Voor sommige docenten was je niet goed genoeg. Afwijzingen hakken erin.”
Zelfs de gedachte aan een veiliger leven kwam voorbij. “De grote Babette dacht steeds vaker: misschien moet ik bij de bakker gaan werken. Kleine Babette die weet zeker: ‘dit is wat ik echt wil’. Die kleine Babette blijft iedere keer weer opstaan. Iedere keer als ik val en ik geef het op, zegt de kleine Babette: ‘nee, dit komen wij hier doen.’ Zij weet. Zij heeft nooit getwijfeld. Zij weet ook dat het goed genoeg is.”
De Passion Nuenen. Foto: LAV Fotografie
Dierbaren van Babette
Babette draagt nog altijd veel dierbaren met zich mee. Zij noemt als eerste haar muziekleraar van de middelbare school. “Tejo Wouters, dat is echt een inspiratiebron geweest, omdat hij mij als eerste de kans gaf om in musicals te spelen op de middelbare school. Hij zag mijn talent. Ik heb in zijn koor gezongen samen met mijn moeder. Mijn moeder is later met hem getrouwd. Hij is er in mijn leven geweest als een soort stiefvader.”
Tejo is er niet meer, maar voor Babette voelt hij nog aanwezig. “Hij geloofde zo in mij. Hij was er echt van overtuigd dat ik voor de muziek moest kiezen. Ik heb het idee dat hij mij soms nog een zetje geeft, of iets op mijn pad gooit, of ervoor zorgt dat ik niet stop.”
Ook haar eigen vader, die drie jaar geleden is overleden, leeft voort in haar verhaal, op een gelaagde manier. “Hij heeft nooit echt zo gejubeld om mijn keuze voor muziek. Hij vond: daar kun je niet zoveel geld mee verdienen. Je bent zo slim, je zou ook dokter kunnen worden. Hij heeft me echter totaal niet in de weg gestaan, maar hij heeft wel zijn mening geuit.”
Babette ziet een overeenkomst die haar ontroert. “Ik voel nu steeds meer dat ik eigenlijk heel erg op hem lijk. Hij heeft ook nooit geluisterd naar zijn ouders. Hij liep zijn eigen afwijkende pad en was volhardend. Ondanks dat ik een andere keuze heb gemaakt, zie ik een patroon: ik ben ook eigenwijs. Net als hij wijk ik af van wat mijn ouders misschien voor me hadden gewild. En toch voel ik wel zijn steun. Ik ben heel blij dat ik er toch voor ben gegaan en dat ik niet dokter ben geworden.”
De herkomst is herkenbaar. “Ik kom uit een ondernemersgezin, dus hard werken is mij echt ingepeperd. Ik moet oppassen dat ik niet te hard werk. Als ik steeds meer mijn eigen kwaliteiten kan zien en in mezelf kan voelen: dat heb ik goed gedaan, ik ben dicht bij mezelf gebleven, ik ben zelf tevreden. Dan heb ik de erkenning van de ander niet meer zo nodig, want ik geef het mezelf al. Iedereen is gewoon helemaal goed zoals hij is. Met alles. Alle mooie dingen, alle minder mooie dingen. Je mag er helemaal zijn. Dat mag ik mezelf af en toe ook nog vertellen.”
De essentie van Babette Holtmann weergeeft licht, lef en een stem die uitnodigt. Haar talent nodigt uit om jezelf te herinneren, in plaats van jezelf te verbeteren. “Ik zing vanuit mijn ziel.” Foto: Mark van Welzenis - This is Me Photography
Reactie plaatsen
Reacties